EVALUATION TERMINATION OF PREGNANCY ACT
THE LAW
Under the Termination of Pregnancy Act abortion is non-punishable in The Netherlands, provided that specific conditions are met and restrictions observed. It thereby creates a degree of leeway for help to women in an emergency situation as a result of an unwanted pregnancy, with due regard for the protection of unborn human life.
DOWNLOAD
Evaluation Termination of Pregnancy Act
Size 50.7 KB (PDF)
Standpunt Staatssecretaris
Size 115,5 KB (PDF)
Announcements
Nieuwsbericht 6-2-2018: Zanzu.nl: informatie over seksualiteit voor nieuwkomers
Datum: 06 February 2018

Asielzoekers en statushouders zijn vaak opgevoed met andere waarden en normen, hebben gebrekkige of onjuiste kennis over het lichaam, seksualiteit, voortplanting, zwangerschap, anticonceptie en soa. Ze lopen hierdoor meer seksuele risico’s. Meisjes en jonge (alleenstaande) vrouwen zijn extra kwetsbaar voor seksueel misbruik, ongewenste zwangerschap, abortus, mensenhandel, vrouwelijke genitale verminking en uithuwelijking. Mannen zijn vooral kwetsbaar voor soa’s en hiv. Lesbische vrouwen, homoseksuele mannen, biseksuelen en transgenders krijgen te maken met homonegatief gedrag en geweld. 

Syrische vrouw (38 jaar): “Ik wist het verschil tussen mannen- en vrouwenlichaam pas toen ik ging trouwen. Toen was ik 19. Niemand vertelde mij hierover, ik kwam er vanzelf achter. Zelfs bij bevalling, je krijgt helemaal geen informatie. Je moeder zegt toe maar, het komt goed. En dan ga je als een gek naar het ziekenhuis. Ik was helemaal kapot want ik wist helemaal niets.”

Migranten en nieuwkomers zijn ook niet bekend met de Nederlandse wet- en regelgeving, voorzieningen en instanties. Ze weten bijvoorbeeld niet waar je je kunt laten testen op soa’s, dat abortus legaal is in Nederland, of dat homoseksualiteit is toegestaan. Met Zanzu.nl kunnen nieuwkomers met informatie in hun eigen taal zelf seksueel gezonde keuzen maken en hun weg vinden in Nederland. Een goede seksuele gezondheid draagt bovendien bij aan de participatie en integratie in de Nederlandse maatschappij.

In 14 talen geeft Zanzu.nl informatie over het vrouwelijk en mannelijk lichaam; gezinsplanning en zwangerschap; soa en hiv; seksualiteit; relaties en gevoelens en wet- en regelgeving. De meerwaarde van de website zit in begrijpelijke en cultuur-neutrale informatie over seksualiteit in tekst, beeld en gesproken woord. Er is een uitgebreid woordenboek met beeldmateriaal. Bij elk thema wordt bij problemen of vragen verwezen naar relevante informatie, hulp- en dienstverlening. De website kan door de doelgroep zelfstandig gebruikt worden, en voor professionals is Zanzu.nl een fijn hulpmiddel om een gesprek te voeren over seksualiteit.

Judith van der Ree, gezondheidsbevorderaar GGD Hollands Midden en GGD regio Utrecht: “Zanzu.nl kan goed gebruikt worden in de voorlichtingsbijeenkomsten vanwege de nuttige informatie en duidelijke afbeeldingen. In een groepssetting kun je nieuwkomers eventueel eerst laten oefenen met het bekijken van en zoeken naar informatie op de eigen telefoon of Ipad. Dit kan een goede voorbereiding zijn voor plenaire bespreking."

Dieuwke Ottens, verloskundige bij Verloskundigenpraktijk Haarlem-Noord: “Zanzu.nl is echt een uitkomst. Door de vertalingen, ook in gesproken tekst, heb ik beter contact met mijn cliënten en met beelden worden ook onderwerpen als zwangerschap en bevalling veel begrijpelijker. Veel nieuwkomers kennen de verloskundige zorg of kraamzorg in Nederland niet.

 Cijfers en problematiek

Cijfers van het CBS laten zien dat er in 2017 circa 2,1 miljoen mensen met een niet-westerse achtergrond in Nederland verbleven. Daarnaast telde Nederland in 2017 1,6 miljoen migranten met een westerse achtergrond, onder meer uit voormalige oost-blok landen.

Op 29 januari 2018 verbleven bijna 21.000 asielzoekers in de opvang. Syriërs vormen met 26% de grootste groep. Daarna volgen Irakezen (9%), Eritreeërs (9%), Afghanen (8%) en Iraniërs (7%, cijfers COA).

Een onderzoek naar geboortecijfers onder vrouwen in asielzoekerscentra (periode 2013-2015) laat zien dat 60% van de vrouwen die hier beviel bij aankomst in Nederland al zwanger was  (analyse geboortecijfers door Rutgers en GGD GHOR Nederland, presentatie 2016). Het geboortecijfer in de opvang was het hoogst bij vrouwen tussen 20 en 24 jaar, en hoger bij vrouwen afkomstig uit de regio West-, Zuid- en Centraal Afrika dan bij vrouwen uit andere regio’s.

Tienergeboorten komen relatief vaak voor bij meisjes met een Somalische (22 op de duizend), Syrische (30/1.000), Poolse (18/1.000) en Bulgaarse (ruim 60/1.000) herkomst. Voor Nederlandse meisjes is het aantal tienergeboorten 2,3 op de duizend (CBS, 2016).

Naar schatting zijn er in Nederland zo’n 29.000 meisjes en vrouwen die een besnijdenis hebben ondergaan. Van die groep komt zo’n 80% uit Somalië, en verder uit Egypte, Ethiopië/Eritrea en Noord-Irak (Pharos, 2013). Vrouwen die zijn besneden lopen een verhoogd risico op complicaties tijdens een bevalling.

Uit de landelijke abortusregistratie 2015 komt naar voren dat 12,6% van de vrouwen die in Nederland abortus laat uitvoeren niet in Nederland woont. van de vrouwen die een abortus laat uitvoeren heeft 50% een niet-Nederlandse achtergrond (Rutgers, 2015).

Van de 22.000 met hiv geïnfecteerde mensen in Nederland komt 40% oorspronkelijk niet uit Nederland (RIVM, 2015). 

Over Zanzu.nl

Zanzu.nl is de Nederlandse variant van Zanzu.be, ontwikkeld door Sensoa (België) en Zanzu.de van BZgA (Duitsland). Hierin werkte Rutgers samen met Soa Aids Nederland, de Koninklijke Nederlandse Organisatie van Verloskundigen (KNOV), diverse vertalers en sleutelpersonen uit de herkomstgroepen.

Zanzu.nl is mede mogelijk gemaakt met subsidie van het ministerie van VWS in het kader van het Kennisdelingsprogramma Gezondheid Statushouders van Pharos, expertisecentrum gezondheidsverschillen, en GGD GHOR Nederland.

 

Er zijn factsheets in het Nederlands over SyriëSomaliëEritreaIrak en Afghanistan. Kijk voor meer informatie op: https://www.rutgers.nl/wat-wij-doen/programmas-en-projecten/seksuele-gezondheid-vluchtelingen

 

Voor vragen of meer informatie: Ineke van der Vlugt, i.vandervlugt@rutgers.nl

Abortuspil door de huisarts?
Datum: 25 April 2015

Abortuspil via de huisarts?

Het eerste officieel geregistreerde medicamenteuze combinatiemiddel voor zwangerschapsafbreking is per 1 mei 2015 op recept verkrijgbaar bij de apotheek. Het nieuwe middel, Sunmedabon, is een combinatieverpakking van mifepriston en misoprostol. Deze middelen worden al langer samen gebruikt voor medicamenteuze abortus. Mifepriston wordt echter alleen rechtstreeks geleverd aan abortusklinieken en ziekenhuizen met een abortusvergunning, waardoor de officieuze abortuscombinatiepil niet beschikbaar is in de eerste lijn. Met de komst van Sunmedabon in de openbare apotheek verandert dit; huisartsen kúnnen dat middel voorschrijven. Er is echter een verschil van mening over de interpretatie van de wet of ze dat ook mógen voorschrijven. Volgens de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) is de opvatting dat huisartsen Sunmedabon mogen voorschrijven onjuist: vroege abortus valt onder de strafwet en artsen mogen Sunmedabon enkel voorschrijven ‘indien zij een vergunning hebben in het kader van de Wet afbreking zwangerschap (Waz)”.

Als beroepsgroep van abortusartsen (verenigd in het NGvA) ondersteunen we de versoepeling in het voorschrijven van deze medicatie, mits huisartsen zich houden aan dezelfde kwaliteitscriteria als abortusartsen. Hierbij gaat het met name om de richtlijnen ‘Begeleiding van vrouwen die een zwangerschaps-afbreking overwegen’ en ‘Behandeling van vrouwen die een zwangerschapsafbreking willen ondergaan’.

Vanuit de praktijkervaringen uit de abortusklinieken voorzien we wel een aantal zaken die overwogen moeten worden om ervoor te zorgen dat de zorg die op dit vlak door huisartsen geleverd wordt kwalitatief gelijkwaardig is aan de zorg die nu door de abortusklinieken wordt verleend.

Termijnbepaling zwangerschap:

Op grond van de richtlijnen voor abortusbehandelingen, zoals die door ons zijn vastgesteld, dient eerst de zwangerschapsduur objectief te worden bepaald. Abortusklinieken doen de termijnbepaling door middel van een echo. Daarbij blijkt dat de vermoede zwangerschapsduur vaak niet overeenkomt met de werkelijke zwangerschapsduur. Verder is het belangrijk een eventuele buitenbaarmoederlijke zwangerschap uit te sluiten. Om voor alle vrouwen eenzelfde kwaliteit van zorg te waarborgen zijn wij er een sterk voorstander van dat de huisartsen op identieke wijze de termijnbepaling uitvoeren.

Jaarlijks melden zich maximaal 7.000 vrouwen voor een zogeheten otb (overtijd behandeling). Dat betekent dat huisartsen gemiddeld slechts eens per jaar een dergelijk verzoek krijgen. Tenzij er tussen de huisartsenpraktijken specialisatie plaats gaat vinden maken wij ons zorgen over de kwaliteitsborging van de objectieve termijnbepaling door de huisartsen. Naast de beperkte beschikbaarheid van echo’s in de huisartsenpraktijken vergt het interpreteren van echo’s de nodige kennis en ervaring.

Anonimiteit:

In het pleidooi om de overtijdbehandeling bij de huisarts neer te leggen, wordt ons inziens een aantal dingen over het hoofd gezien. Een daarvan is het feit dat nogal wat patiënten prijs stellen op de anonimiteit van een abortuskliniek. Veertig procent van de patiënten van abortusklinieken komt niet via de huisarts. Velen gaan er zelfs voor naar een andere provincie.

Ervaring:

Eenmaal over de drempel is er geen medische reden om de abortuspilverstrekking door huisartsen te beperken tot de overtijdbehandeling (tot en met 16 dagen overtijd); abortuspillen kunnen gemakkelijk tot 8 of zelfs 9 weken worden gebruikt. Dat zou betekenen dat maximaal 70 procent van alle abortussen door de huisarts geregeld kan worden. Dat zijn er 21.000 per jaar, oftewel ruim 2 per huisarts. Het aspect van kwaliteitsborging is een belangrijk issue bij dit soort kleine aantallen. In abortusklinieken voeren individuele artsen gemiddeld meer dan 500 behandelingen per jaar uit.

24 uurs-bereikbaarheid:

Abortusklinieken hebben een (telefonische) achterwacht die gebeld kan worden door patiënten die na de behandeling vragen hebben. Uit ervaring blijkt, dat deze bereikbaarheidsdienst vooral wordt gebeld door vrouwen die gekozen hebben voor de abortuspil. Ondanks goede mondelinge en schriftelijke voorlichting, blijken toch veel vrouwen achteraf vragen te hebben. Dit betekent dat ook de huisartsen een op dit gebied deskundige achterwacht zullen moeten inrichten.

Keuze mogelijkheid:

Steeds meer wordt het belang van vrije keuze door de patiënt onderstreept. In het geval dat de vrouw naar de huisarts gaat voor een zwangerschapsafbreking, kan de huisarts in dit geval alleen de abortuspil aan bieden. De mogelijkheid van een instrumentele zwangerschapsafbreking eventueel met sedatie kan door de huisarts, in tegenstelling tot de abortuskliniek, niet worden geboden.

Conclusie:

Vrouwen die voor de keuze staan om hun zwangerschap af te breken bevinden zich in een zeer kwetsbare positie en hebben recht op optimale zorg.

Het NGvA heeft begrip voor het initiatief dat huisartsen medicamenteuze zwangerschapsafbrekingen kunnen gaan uitvoeren.

Maar om ervoor te zorgen dat deze vrouwen altijd optimale zorg krijgen, zijn wij van mening dat huisartsen dan dezelfde kwaliteit moeten kunnen leveren op het vlak van termijnbepaling, ervaring, anonimiteit, bereikbaarheid en keuzemogelijkheden.

Vanuit onze specifieke deskundigheid en ervaring denken we graag mee over hoe dit gerealiseerd kan worden.